Over
Louis Brüls (1803–1882) was een negentiende-eeuwse schilder die actief was in het Rijnland, de Lage Landen, Duitsland en Italië. Hij volgde zijn opleiding aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen en werkte later in München en Rome. De varianten van zijn naam waren talrijk: hij werd gedoopt als Ludovicus Josephus Brüls en werd ook vermeld als Louis Joseph Bruls, Ludwig (Josef) Brüls, en in het Italiaans als Lodovico, Ludovico of Luigi Brüls.
Geboren op Gut Drinhausen bij Übach, in wat toen het door Frankrijk bestuurde Rijnland was, werd Brüls later onderdaan van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en koos hij na de Belgische Revolutie van 1830 voor de Belgische nationaliteit. Die behield hij voor de rest van zijn leven. In zijn eigen correspondentie noemde hij zichzelf een artiste belge, en hij signeerde zijn werk als Louis Bruls, de Franse vorm van zijn naam. De politieke veranderingen die hij meemaakte, en de vijf talen waarin zijn documenten werden opgesteld, veroorzaakten grote variaties in zijn naam en een blijvende verwarring in latere kunsthistorische naslagwerken.
De omvang van die verwarring is opvallend. Zijn voornaam bleef bewaard in tien vormen, van het Latijnse "Ludovicus" uit zijn doopregister tot het Italiaanse "Luigi" uit zijn Romeinse jaren, en zijn familienaam in ten minste zeven vormen, waaronder de verminkte vorm "Brunts", die hem in Amerikaanse collecties een tweede, spookachtige identiteit gaf. Geen enkele versie werd ooit definitief als juist vastgelegd.
Deze inconsistenties verklaren waarschijnlijk waarom Louis Brüls zo moeilijk te traceren werd. Zijn geboorteplaats Übach ging van Frans bestuur over naar het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en kwam vervolgens, na de Belgische onafhankelijkheid, in het betwiste gebied Limburg te liggen. Elke verandering bracht een nieuwe bestuurstaal en een nieuwe vorm van zijn naam met zich mee, in documenten in het Latijn, Duits, Nederlands, Frans en Italiaans. Zelfs zijn graf in Rome vermeldt ten onrechte dat hij in Brussel werd geboren. Zijn overlijdensakte vergroot de onzekerheid: zij geeft zijn geboorteplaats alleen op als "België", waarbij de stad blanco bleef.
Gelukkig werd een verzameling genealogisch materiaal teruggevonden die vanaf de jaren 1950 door afstammelingen van de familie Brüls was samengesteld. Die bracht veel nieuwe feiten aan het licht en bevestigde daarnaast details die door eerdere historici waren vermeld. Jacques Dufrasne, een achterachterneef van de schilder en lid van het Institut Archéologique Liégeois, stelde genealogische schema's en een handgeschreven catalogus van bekende schilderijen samen.
Dr Léon Hucklenbroich en zijn zus, Marie-Louise Hucklenbroich, beiden afstammelingen van Brüls's oudere broer Jean-Joseph, zetten het werk vanuit Brussel voort: hij stelde een getypt biografisch dossier samen met foto's van het graf, een lijst van werken en familiecorrespondentie; zij droeg biografische aantekeningen en een onafhankelijke familiegenealogie bij. Marie-Louise Hucklenbroich was mijn grootmoeder, en het familiearchief kwam uiteindelijk bij mij terecht.
Kunstveilingen, zowel recente als historische, droegen vaak onnauwkeurige titels, verkeerde biografieën en soms foutieve toeschrijvingen van Brüls's werk aan schilders met vergelijkbare onderwerpen. Modern onderzoek was essentieel om dit beeld te corrigeren.
Rieke van Leeuwens studie uit 1985 over kunstenaars uit de Lage Landen in Florence was de eerste die de twee afzonderlijke Thieme-Becker-vermeldingen als dezelfde persoon identificeerde. Frank Pohles publicatie uit 2008 werkte het bewijs verder uit en loste formeel de bibliografische splitsing op die Brüls's identiteit lang had vertekend.
Brüls was meer dan een schilder. In 1861–62 werd hij formeel geaccrediteerd als agent van de Belgische Staat, en werkte hij met de Belgische diplomaat Henri Carolus aan een negen maanden durende aankoopmissie in Rome, waarbij oude meesters voor het Koninklijk Museum in Brussel werden aangekocht. Hij was ook actief in de particuliere handel in oudheden en bezorgde Griekse en Etruskische vazen aan verzamelaars zoals de Bazelse geleerde Johann Jakob Bachofen. Zijn eigen collectie oudheden werd in 1861 aangekocht voor de Universiteit van Würzburg als de stichtende aanwinst van het Martin von Wagner Museum.
Hij kreeg meer dan eens officiële erkenning. Op het Brusselse Salon van 1848 ontving hij een zilververgulde medaille voor zijn schilderij L'Enfant malade.
In 1862 werd hij Ridder in de Leopoldsorde voor zijn hulp aan de Belgische Staat bij de aankoop van kunstwerken en oudheden in Rome, waaronder zevenenzeventig Griekse en Etruskische vazen uit de Campana-reserve.
In 1864 maakte Brüls een van de belangrijkste werken uit zijn loopbaan: een portret van paus Pius IX, voor wie de paus persoonlijk poseerde.
Tegen 1866 was zijn naam uitgehouwen op een marmeren plaquette in San Giuliano dei Fiamminghi, de Belgische nationale kerk in Rome, naast die van de Belgische ambassadeur, de Belgische consul en een pauselijke aalmoezenier. Hij diende als een van de zes kerkmeesters.
Zijn schilderij Der Segensspruch, ook gecatalogiseerd als Le Sauveur bénissant (Zegenende Christus), kwam in de koninklijke Beierse collectie terecht en hing in de Neue Pinakothek in München naast werken van Overbeck, Schadow en Schraudolph.
Hoewel hij tentoonstelde in Antwerpen, Brussel en Rome, en een goede positie innam binnen de Belgische gemeenschap in Rome, verwierf Brüls geen blijvende bekendheid in de reguliere kunstgeschiedenis. Zijn werk circuleerde vooral onder particuliere verzamelaars, kerkelijke opdrachtgevers en instellingen, eerder dan via een aanhoudende publieke aanwezigheid.
Hij stierf in Rome op 19 december 1882, na meer dan vier decennia in de stad te hebben gewoond. Zijn weduwe, Anna Maria Micocci, liet een marmeren graf oprichten op het Cimitero del Verano, met gebeeldhouwde profielmedaillons van man en vrouw. Zijn bewaard gebleven werken en het archiefspoor dat hij naliet wijzen op een leven dat zich afspeelde over grenzen heen, in wisselende talen, en binnen de religieuze en artistieke wereld van het negentiende-eeuwse Europa.